Theehuisconcerten (6)

Matangi Kwartet 27 mei 2018

Revolutionaire Geestverwanten

Beethoven en Schönberg veroorzaakten beiden aan het begin van hun eigen eeuw, respectievelijk de 19e en de 20e, een omwenteling in de muziek.
Beethovens opus 131, waaraan recent een succesvolle bioscoopfilm ‘a late Quartet’ werd gewijd, hoort tot zijn laatste strijkkwartetten. Schönbergs opus 7 is diens eerste, er zouden er nog drie volgen.

Schönberg heeft nooit erkend dat Beethovens opus 131 model stond voor opus 7, maar het is duidelijk dat hij Beethovens kwartet in gedachten moet hebben gehad bij het schrijven van zijn eerste strijkkwartet.
“Mijn leraren waren allereerst Bach en Mozart, en daarna Beethoven, Brahms en Wagner” aldus Schönberg. Het is dus niet zo verwonderlijk dat de beide composities een grote verwantschap vertonen.

De verschillende delen lopen in elkaar over, de fuga speelt een belangrijke rol, maar vooral hoor je de op dat moment heersende muzikale taal, respectievelijk de klassieke en de romantische, uit zijn voegen barsten.
Ondanks het vernieuwende karakter van beide kwartetten, waarbij gebroken wordt met een aantal geldende tradities is de link met de voorafgaande eeuw nog duidelijk voelbaar.

Het Matangi Quartet werd al tijdens de conservatoriumstudie geselecteerd voor een voltijdstudie aan de Nederlandse Strijkkwartet Academie. In het kader van de academie liet het Matangi Quartet zich inspireren door wereldberoemde musici, waaronder de leden van het Amadeus Kwartet. Verder werd het kwartet intensief begeleid door Henk Guittart, altviolist van het Schönberg Kwartet. Tegenwoordig werkt het Matangi Quartet intensief samen met het Koninklijk Conservatorium te Den Haag, om de liefde voor het strijkkwartet door te geven aan een nieuwe generatie topmusici.

Website Theehuisconcerten